De stappen voorafgaand aan een knieprothese: zijn echt alle opties uitgeput?

Zorgtraject knieartrose knieprothese

Het zorgtraject bij knieartrose: een stapsgewijze behandeling

Artrose is een van de meest voorkomende gewrichtsaandoeningen: meer dan 650 miljoen mensen wereldwijd zijn ermee geconfronteerd, waaronder bijna 10 % van de personen ouder dan 60 jaar. In de ontwikkelde landen behoort ze zelfs tot de tien meest invaliderende aandoeningen. De knie, een sleutelgewricht in het dagelijks leven, is bijzonder kwetsbaar.

 

Artrose kan hier om verschillende redenen ontstaan: door een trauma, of door genetische, metabolische of biomechanische factoren. Maar in tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, leidt het zorgtraject niet automatisch tot een prothese.

 

De behandeling is gebaseerd op een combinatie van niet-medicamenteuze en medicamenteuze behandelingen, met een duidelijk doel: pijn verlichten en de functie behouden. Chirurgie komt pas in beeld nadat de conservatieve behandelingsmogelijkheden zijn onderzocht en geoptimaliseerd.

Wat medische verenigingen aanbevelen vóór een knieprothese

Voordat een operatie wordt overwogen, zijn er tal van behandelingsopties die gebaseerd zijn op een combinatie van medicamenteuze en niet-medicamenteuze behandelingen. De aanbevelingen van de wetenschappelijke verenigingen zijn gebaseerd op een alomvattende en multidisciplinaire aanpak, die is opgebouwd rond verschillende complementaire pijlers:

 

    • Het begint met meer inzicht in de aandoening: psycho-educatie helpt om meer te weten te komen over artrose, de mogelijke opties in kaart te brengen en te leren hoe je je gewrichten kunt ontzien terwijl je in het dagelijkse leven actief blijft.
    • Aangepaste lichaamsbeweging is hierin een centrale pijler. Meestal gaat het om oefeningen met een lage belasting, zoals wandelen, fietsen, zwemmen of krachttraining, vooral wanneer de knie of heup betrokken is. Ook andere activiteiten, zoals yoga of tai chi, kunnen een rol spelen.
    • Een gezonde levensstijl is ook een integraal onderdeel van de behandeling. Daarbij wordt indien nodig gefocust op het gewicht, op aanpassingen aan de dagelijkse handelingen en eventueel op het gebruik van hulpmiddelen. Functionele revalidatie speelt een sleutelrol, en dan vooral via kinesitherapie, om de beweeglijkheid en stabiliteit van het gewricht te verbeteren.
    • Farmacologische behandelingen, zoals ontstekingsremmers, corticoïdinjecties of intra-articulair hyaluronzuur, wanneer andere maatregelen ontoereikend zijn.
    • Bij complexere vormen kan de behandeling zelfs zo ver gaan dat een operatie wordt overwogen. Daarbij wordt een totale knieprothese geplaatst bij patiënten die daarvoor in aanmerking komen en bij wie de pijn niet (meer) reageert op medische of kinesitherapeutische behandelingen.

 

Vóór elke therapeutische beslissing zullen de artsen de impact van je artrose op het dagelijkse leven, je pijn en je levenskwaliteit beoordelen.

De unieke visie van prof. Camille Choufani

Dr Choufani artrose actief

❝ Voordat ik opereer, vertel ik altijd over de 20 tot 30% van de patiënten die last blijven hebben van de pijn, zelfs na een technisch geslaagde prothese. Het is belangrijk dat je eerst alles hebt geprobeerd, om geen spijt te krijgen van de operatie. Dat is nooit verloren moeite, want als een operatie toch nog nodig zou blijken, dan is de patiënt zo tenminste optimaal voorbereid (voordeel op het vlak van revalidatie en gewichtsverlies). ❞

Wanneer de ‘klassieke’ behandelingen niet meer aanslaan

Meestal zorgen aangepaste lichaamsbeweging, revalidatie en medicatie bij veel patiënten voor een verbetering van de symptomen. Maar niet bij iedereen.

 

Bij sommige mensen verandert er, ondanks een goed uitgevoerde behandeling, eigenlijk niets. De pijn, de stijfheid en het verlies van gewrichtsfunctie blijven aanwezig, ook al is de behandeling goed uitgevoerd.

 

In deze context spreekt men van moeilijk te behandelen artrose, ofwel “refractaire”.

 

Refractaire artrose is een specifieke vorm van de aandoening waarbij de verwachte resultaten uitblijven, waardoor een andere aanpak nodig is.

 

Hardnekkige artrose komt ook voor bij jonge of sportieve patiënten, met name na een trauma. Deze aandoening houdt meestal verband met een combinatie van factoren die ten grondslag liggen aan artrose.

 

In dergelijke situaties verdwijnt de pijn niet, botsen de gebruikelijke behandelingsmethoden op hun grenzen en rijst onvermijdelijk de vraag of er andere strategieën mogelijk zijn.

Welke behandelingsmogelijkheden zijn er voordat een knieprothese wordt overwogen?

Het gaat er in de eerste plaats om de behandeling af te stemmen op het specifieke profiel van de patiënt, in plaats van een standaardaanpak te volgen: aanpassing van de behandelingen, een op maat gemaakte aanpak van pijn (nociceptieve, centrale of neuropathische pijn), een programma voor gewichtsverlies of andere gerichte benaderingen.

 

Een gedeeltelijke of totale knieprothese behoort tot de mogelijkheden, maar alleen in welbepaalde gevallen.

 

Deze behandeling is geïndiceerd bij radiologisch vastgestelde gevorderde artrose, gepaard gaande met aanhoudende en invaliderende pijn, ernstige functionele beperkingen en een aantoonbaar falen van conservatieve behandelingen, in het kader van een gezamenlijke beslissing op basis van gevalideerde criteria en de daadwerkelijke impact van de aandoening op het dagelijks leven.

Icoon wist u dat artrose actief

Wist u dat?
De verwachtingen ten aanzien van een operatie zijn vaak erg hooggespannen, met name wat betreft pijn, terwijl de voordelen soms worden overschat: tussen de 5 en 40 % van de patiënten meldt weinig of geen verbetering na een totale knieprothese.

Een operatie is ook niet altijd mogelijk.

Leeftijd, activiteitsniveau, geschiktheid voor een operatie of het operatierisico in verband met bepaalde aandoeningen kunnen ertoe leiden dat de voorkeur wordt gegeven aan een conservatieve behandeling, soms voor langere tijd.

 

Naast de klassieke behandelingsopties en chirurgie zijn er tegenwoordig nieuwe therapeutische benaderingen beschikbaar of in ontwikkeling voor de zogenaamde refractaire vormen.

Bepaalde recente benaderingen, zoals injecteerbare biomaterialen op basis van CM-Chitosan, élargissent les verbreden de mogelijkheden voor de aanpak van knieartrose.

 

Ook andere innovatieve strategieën komen op, zoals trans-arteriële micro-embolisatie (TAME) of thermocoagulatie via radiofrequentie van de geniculaire zenuwen, die wordt bestudeerd bij patiënten met chronische gewrichtspijn die niet reageren op conservatieve behandelingen of die blijven aanhouden na chirurgie.

Volg ons op Instagram voor oefeningen, tips en ervaringen met betrekking tot artrose.

Deel dit artikel

Elk geval van artrose is uniek. Artrose geneest niet, maar ze kan worden behandeld. De therapeutische strategie wordt per geval bepaald, op basis van het klinische profiel. De informatie op Artrose Actief heeft een educatief doel en vervangt geen medisch advies: diagnose, keuze van behandelingen en hun aanpassing zijn uitsluitend de bevoegdheid van een zorgprofessional. Bij aanhoudende pijn of verergering van de symptomen, raadpleeg je arts.

Logo artrose actief blue
  1. Dell’Isola A, Recenti F, Giardulli B, Lawford BJ, Kiadaliri A. Osteoarthritis year in review 2025: Epidemiology and therapy. Osteoarthritis and Cartilage. 2025;33(11):1300-1306. doi:10.1016/j.joca.2025.08.015
  2. Costello CA, Rockel JS, Liu M, et al. Individual participant data meta-analysis of metabolomics on sustained knee pain in primary osteoarthritis patients. Rheumatology (Oxford). 2022;62(5):1964-1971. doi:10.1093/rheumatology/keac545
  3. Jacobs H, Seeber GH, Lazovic D, Maus U, Hoffmann F. Ziektebelasting en verwachtingen ten aanzien van chirurgie bij patiënten vóór een totale knieprothese: resultaten van de prospectieve FInGK-studie. Knee. 2023;41:257-265. doi:10.1016/j.knee.2023.01.020
  4. Bonasia DE, Palazzolo A, Cottino U, et al. Beïnvloedbare en niet-beïnvloedbare voorspellende factoren in verband met de resultaten van totale knieprothesen. Joints. 2019;7(1):13-18. doi:10.1055/s-0039-1678563
  5. Overton C, Nelson AE, Neogi T. Osteoarthritis Treatment Guidelines from Six Professional Societies: Similarities and Differences. Rheum Dis Clin North Am. 2022;48(3):637-657. doi:10.1016/j.rdc.2022.03.009
  6. Mandell BF, Lipani J. REFRACTORY OSTEOARTHRITIS: Differential Diagnosis and Therapy. Rheumatic Disease Clinics of North America. 1995;21(1):163-178. doi:10.1016/S0889-857X(21)00377-X
  7. Courties A, Kouki I, Soliman N, Mathieu S, Sellam J. Osteoarthritis year in review 2024: Epidemiology and therapy. Osteoarthritis and Cartilage. 2024;32(11):1397-1404. doi:10.1016/j.joca.2024.07.014
  8. Kloppenburg M, Berenbaum F. Osteoarthritis year in review 2019: epidemiology and therapy. Osteoarthritis Cartilage. 2020;28(3):242-248. doi:10.1016/j.joca.2020.01.002
  9. Raman R, Henrotin Y, Chevalier X, et al. Beslissingsalgoritmen voor herbehandeling met viscosupplementatie bij patiënten met knieartrose: aanbevelingen van de EUROpean VIScosupplementation COnsensus Group (EUROVISCO). Cartilage. 2018;9(3):263-275. doi:10.1177/1947603517693043
  10. Skou ST, Roos EM, Laursen MB, et al. Criteria die worden gehanteerd bij het bepalen van de geschiktheid voor een totale knieprothese – Tussen denken en doen. Knee. 2016;23(2):300-305. doi:10.1016/j.knee.2015.08.012
  11. Wilms LM, Jannusch K, Weiss D, et al. Transarterial microembolization for the management of refractory chronic joint pain in osteoarthritis. Rofo. 2024;196(12):1236-1245. doi:10.1055/a-2288-5743
  12. P.J. Emans, W. Weyenberg, N. Portelange, M. Chausson, P. Van Overschelde, G. Skaliczki, D. Haverkamp. Single injection of carboxymethyl-chitosan for the symptomatic treatment of knee osteoarthritis: 12-month follow-up from the multicentric PIONEER clinical study. Osteoarthritis and Cartilage Open Volume 7, Issue 2, June 2025, 100605. DOI : https://doi.org/10.1016/j.ocarto.2025.100605

Ontvang ons nieuws

Ontvang elke maand duidelijke en begrijpelijke tips en advies voor het dagelijks leven met artrose.